Naar aanleiding van het bezoek in Wallonië hebben enkele TV studenten een interview afgelegd met de hoofdredacteur van Canal C Pierre Doumont.

 

Canal C is de regionale televisiezender in de provincie Namen. Het is een kleine organisatie die volledig moet overleven op de subsidies van de Waalse overheid. Het kanaal heeft maandelijks veel kijkers en geen directe concurrentie. Canal C probeert een zo breed mogelijk doelpubliek aan te trekken. Toch willen ze zich meer gaan focussen op de jongere generatie en hun online platform. Het blijft moeilijk om als lokale tv-zender te overleven en de journalisten moeten meer en meer taken op zich nemen.

 

Wat voor soort programma’s heeft Canal C?

We hebben niet enkel nieuwsuitzendingen, maar ook debatten, een sportprogramma op zondag. We hebben een programma ‘Télémémoire’, daarbij kijken we terug naar de actualiteit in Namen van 10 jaar geleden. Die actualiteit linken we dan met vandaag.  Zo kunnen we bepaalde evoluties en veranderingen zien. We hebben nog veel meer programma’s, dit zijn de meest populaire.

 

Jullie zijn de enige lokale zender in Namen, krijgt het publiek dan voldoende objectieve informatie?

We bestaan bijna 40 jaar. We zijn begonnen als amateurs die voor het eerst moesten proberen een marktpositie te veroveren in de wereld van de berichtgeving. Met de nodige ups en downs. Vandaag hebben we een sterke positie opgebouwd met een heel goede reputatie. Ik ben er zeker van dat onze kijkers weten dat we correcte informatie geven op een interessante manier. We willen vooral onze kijkers informeren en dat op een zo goed mogelijke manier.

 

Wat is precies jullie doelpubliek?

Hier bij Canal C is het doelpubliek zeer gevarieerd. We hebben een publiek tussen 30 en 50 jaar. Uiteraard hebben we ook oudere en jongere kijkers. We zijn momenteel bezig om meer multimediaal te gaan. Dat is nodig als je aanwezig wil zijn op het internet, snapchat en dergelijke sociale media. Op die manier breiden we ons doelpubliek steeds uit. We hebben iemand aangenomen die zich daarmee bezig zal houden en zal beginnen rond Pasen.

 

Waarom leggen jullie dan zoveel focus op de jongeren?

We zijn er ons goed van bewust dat de jongeren niet meer televisie kijken zoals ze dat pakweg 20 jaar geleden deden. Ze zijn veel selectiever als het op hun tv-programma’s aankomt. Daar moeten we ons aan aanpassen. Het is belangrijk om niet enkel ons op de zender Canal C te focussen. We moeten crossmediaal en multimediaal te werk gaan. Als we dat niet doen, zal Canal C binnen 10, 15 jaar niet meer bestaan.

 

Als Waalse lokale televisiezender krijgen jullie subsidies van de overheid. In hoeverre zijn jullie dan onafhankelijk?

We krijgen inderdaad subsidies, maar dat is ook zo bij de RTBF. Ons salaris hangt ook af van de federatie Wallonië-Brussel. Dus het is inderdaad de overheid die ons betaalt. Dat wil niet zeggen dat we onze autonomie niet meer hebben, zeker niet. We doen onze berichtgeving met alle vrijheid. In de 30 jaar dat ik hier werk heb ik misschien 3 klachten gekregen van burgemeesters die niet tevreden waren met onze manier van berichtgeven. Daar staan we gewoon boven. Dat heeft ons nooit beïnvloed en zal dat ook nooit doen.

 

In Vlaanderen krijgen de zenders geen subsidies dus zijn volledig onafhankelijk. Waarom vinden jullie het systeem in Wallonië dan beter?

Aangezien we subsidies krijgen, hangen we minder af van sponsors en hebben we een grotere autonomie. Zo kunnen we ons beter focussen op correcte berichtgeving. We gaan ons niet bezighouden met spektakelshows. Wat de privézenders in Vlaanderen vaker moeten doen.

 

Waarom zouden de kijkers Canal C moeten verkiezen boven de nationale nieuwszenders?

We zijn een zender die naast en met de mensen leeft. Onze berichtgeving is vaak meer aangepast. Nationale zenders gaan vaker over gevoelige onderwerpen alsof het niets is. Wij proberen daar voorzichtiger in te zijn. We kunnen lokale politiek ook veel beter opvolgen aangezien we bijvoorbeeld de burgemeester elke week of elke maand kunnen spreken.