Zo moeder, zo dochter…

‘Let maar op, je wordt later net als ik’ is ongetwijfeld het beste wapen in het arsenaal van je moeder. In de eerste plaats klinkt het belachelijk want ze heeft geen idee van de nieuwste technologie of modetrends. Maar hoe ouder je wordt, hoe meer het opvalt dat er een kern van waarheid in dat cliché zit. Dochters lijken meer op hun moeders dan we ooit voor mogelijk hadden gehouden. Is er een uitweg? Door Stien Reyntjens

‘Later word ik juf, net zoals mama.’ Achter die onschuldige peuterwoorden schuilt meer waarheid dan we vermoeden. We blijven voortdurend door een ‘psychologische navelstreng’ verbonden met onze moeder. De band met je moeder wordt in de psychologie omschreven als de meest fundamentele die je als vrouw hebt. Die moeder-dochterrelatie is belangrijk voor de ontwikkeling van een eigen identiteit, voor het sluiten van vriendschappen, voor een gevoel van geluk en voor een gezonde dosis zelfvertrouwen.

Koekeloeren

 Tess (31) got it from her momma, dat is duidelijk. Nu ze wat ouder wordt, begint ze steeds meer op haar moeder te lijken. Soms is het zelfs moeilijk om de twee nog uit elkaar te houden. Ze hebben allebei lang blond haar, dezelfde schoen- en kledingmaat en de inhoud van hun kledingkasten is vrijwel identiek. ‘In mijn puberteit had ik me voorgenomen om alles wat mama deed, later anders te doen. Maar net zoals zo veel andere vrouwen, kreeg ik meer van haar trekken. Mijn lichaam werd lang en slank, net als het hare. Haar rimpels verschenen in mijn voorhoofd. Nu delen we zelfs een kledingkast. Als ik ga winkelen koop ik vaak kledij in functie van mijn moeder: ‘Oh, dat kan ze ook aandoen’, denk ik dan.’

Ruth (43) lijkt als twee druppels water op haar moeder. Ze zijn sociaal bewogen, kunnen goed delegeren en komen vaak te laat onder het motto ‘vedetten komen altijd later’. ‘Ik kom overal te laat. Ik denk altijd: ‘Ik kan dit en dat nog doen.’ Maar voor ik het weet ben ik weeral twee uur te laat. Dat vind ik ook niet erg want anders sta je daar toch maar wat te koekeloeren. Mijn moeder is juist dezelfde. Op zaterdag werk ik in de Wereldwinkel en om 13 uur neemt ze mijn shift over. Althans, dat zou toch moeten. Tien minuten later komt ze er dan op haar dode gemakje aan.’

Diepe verbondenheid

Hoewel veel vrouwen ontzettend veel van hun moeder houden, lijken ze er liever niet op. Inge (46) schrikt nog altijd wanneer iemand haar wijst op de gelijkenissen met haar moeder. ‘Wij zijn totaal verschillend. Mijn moeder is een echt dorpsmens. Ze kent iedereen en iedereen kent haar. Haar dagelijkse uitstap naar de krantenwinkel eindigt altijd wel in het dorpscafé waar de nieuwste roddels uit de doeken worden gedaan. Ze is een echte flapuit, graag van alles op de hoogte en ze houdt weinig rekening met anderen. Ik ben gereserveerder, moet niet alles weten en ik denk eerst aan anderen en dan pas aan mezelf.’

‘Toch betrap ik me erop dat ik meer en meer op haar begin te lijken. Mijn moeder houdt alles bij wat ze krijgt of vindt. Haar huis is precies een schietkraam vol knuffels, kaartjes en potjes. Mijn moeders vensterbank staat vol met dode bloementakken van orchideeën. ‘Daar komen ooit nog weleens bloemetjes aan’, zegt ze dan. Op mijn terras staan ondertussen ook al twee uitgebloeide orchideeën. Misschien wordt dat ook wel het begin van een nieuwe verzameling. Mijn moeder zal trots op me zijn.’ (lacht)

Moeders: soms zijn het je soulmates en soms kunnen moeder en dochter onmogelijk samen door één deur. Maar hoe hecht of moeizaam de band ook is, moeders blijven belangrijke spilfiguren in je leven. Je moeder was er altijd al, sinds je geboorte. Hoe komt het dat de band met moeders en dochters vaak zo problematisch, zo intens en zo emotioneel is? ‘En zo complex’, voegt Claire Wiewauters, gezinspsychologe, psychotherapeute en verbonden aan het kenniscentrum Hoger Instituut voor Gezinswetenschappen daaraan toe. ‘Als kind ben je in de eerste plaats het meest verbonden met diegene die de primaire verzorger is. In onze cultuur is dat doorgaans de vrouw. Dat zorgt ervoor dat er vanaf het begin een hechte, symbiotische relatie ontstaat tussen kinderen en hun moeders.’

Woelige puberteit

Na de onafscheidelijke relatie tussen moeder en dochter komt er een periode vol rebellie. Tieners zijn vermoeiend. Hun hersenen maken spectaculaire sprongen en hun hormonen slaan op hol. Vrijheid geven of grenzen stellen? Begrip tonen of straffen? Veel ouders zijn de weg kwijt als het gaat over de opvoeding van hun opstandige tieners, maar ook voor pubers is het een periode waarin er veel gebeurt en vooral veel verandert. Puberteit betekent afscheid nemen van de kindertijd en de hele nauwe band met je ouders.

Daarom is het belangrijk om als ouder je kinderen de ruimte te geven om hun eigen identiteit als vrouw of man te ontwikkelen. Daarna kunnen kinderen een nieuwe, volwassen band met hun moeder opbouwen. Een relatie die zich kenmerkt door wederzijdse steun, een gevoel van nabijheid, intimiteit en een stevige emotionele band. Denk maar aan de momenten dat je je moeder als eerste belt wanneer er iets scheelt.

Claire Wiewauters: ‘Voor meisjes is de zoektocht naar een eigen persoonlijkheid moeilijker dan voor heterojongens. Jongens gaan zich gaandeweg meer met hun vader identificeren, terwijl dochters dat sterk met hun moeder blijven doen. Een dochter moet zich dus zowel losmaken als opnieuw verbinden met haar moeder.’

‘In onze persoonlijke ontwikkeling zoeken we altijd een balans tussen autonomie en verbondenheid. Soms slaat die balans door naar één kant. Hierdoor kan het tussen moeders en dochters af en toe eens flink botsen.’ Maar wanneer weet je of je voldoende losgekomen bent van je moeder? ‘Als je het niet meer erg vindt als mensen zeggen dat je op je moeder lijkt’, aldus de gezinspsychologe.

Identieke trekjes

 Uit een onderzoek van de kaarten Hallmark onder duizend Britten blijkt dat 48 procent van de volwassen dochters de gewoonten van hun moeders overnemen. Meisjes brengen als kind de meeste tijd met mama door. Maakt zij eten, dan doe jij dat na met je speelgoedkeukentje. Claire Wiewauters: ‘Je neemt heel veel karaktertrekken over van je moeder door loutere observatie.’

Volgens de studie van Hallmark lijken dochters op 32-jarige leeftijd het meest op hun moeder. In Katrien (38) haar geval klopte dat volledig. ‘Toen ik 32 werd was ik vooral bezig met wat mijn moeder er in mijn jongere jaren altijd heeft proberen in te drammen: ‘Kop op en doorgaan.’ En met succes, op die leeftijd stond ik sterker in mijn schoenen dan ooit. Het was een zware periode door de zorg die mijn zoontje met zijn mentale beperking nodig had. Maar ik bleef niet thuis bij de pakken neerzitten. Ik ging werken, ging op stap met mijn vriendinnen en leerde trots te zijn op mijn zoontje, ook al was hij niet zoals de meeste leeftijdsgenootjes.’

Twee moeders, twee spilfiguren

Is er voor adoptiekinderen dan wel een uitweg? Claire Wiewauters: ‘Ja, maar die is nog complexer. Adoptiekinderen vertonen gelijkenissen met zowel de biologische moeder als de adoptiemoeder. Een adoptiekind zal een stukje op haar biologische moeder lijken door de genetische verwantschap, ook al weet het kind niet wie haar moeder is en hoe ze zich gedraagt. Je weet in dit geval als adoptiekind dus niet in welke mate je op je biologische moeder lijkt. Dat zorgt vaak voor verwarring bij adoptiekinderen. Daarnaast zal je als adoptiekind ook een stukje lijken op de moeder die je opvoedt omdat je daar sociale dingen van overneemt.’

Een reis van de hoofdstad van Haïti, Porte-au-Prince, naar Antwerpen zal je normaal gezien niet snel vergeten. Tenzij je, zoals Rachelle (30), twintig maanden oud was toen je die reis moest maken. Ze werd geadopteerd nadat haar biologische moeder haar had achtergelaten in het ziekenhuis. Toch vertoont ze opvallend veel gelijkenissen met haar adoptiemoeder. ‘We zijn allebei licht ontvlambaar en we zeggen wat we denken. En dat kan soms flink botsen. In mijn tienerjaren bleef ik een keertje slapen bij mijn vriendje zonder het te laten weten aan mijn ouders. Mijn moeder kreeg een woede-uitbarsting. Ze begon te roepen en haar gezicht werd vuurrood, tot zelfs paars. Woest werd ik daarvan. Razend. Ik bedoel, zo’n drama voor zoiets kleins en stoms. Gelukkig konden we er de volgende dag om lachen.’

Eigen beheer

Toch heb je je vroeger waarschijnlijk voorgenomen om niet zo zeurig en bemoeierig als je moeder te worden. Maar voor je het zelf goed beseft, geef je jouw dochter een preek die net als je moeder klinkt: ‘Doe je dat écht aan?!’ Waarom nemen we karaktertrekken over die we vaak niet weten te waarderen? Claire Wiewauters: ‘Dat heeft te maken met het sociaal leren. Soms worden observaties gewoontepatronen, en die zijn vaak sterker dan wat je verstand zegt.’

Gewoonten van moeders bepalen hoe dochters worden. En haar genen had je ook al, help! ‘Als je ouders heel extravert zijn en jij ook, dan neem je soms genetisch bepaalde dingen over. Je kan jezelf dan de vraag stellen: Hoe kan ik daar op een andere manier mee omgaan in mijn leven? Er is dus een beperkte uitweg: Je kan erover nadenken en zelf beslissingen nemen’, aldus de gezinspsychologe.