Negen vrouwen samen in de rustloge van de bourla, op zoek naar een groepsnaam. Hier en daar vliegen suggesties in het rond: ‘theatre bitches’, ‘drama divas’, ‘toneelwijven’, … Hilariteit alom in de loge. Tot onze (mannelijke) leerkracht mee op de zetel komt zitten, en zich afvraagt waarom we zo negatief zijn over onszelf. “Uhm, negatief?”

‘Bitches’, ‘wijven’, ‘diva’s’… Positieve namen zijn het niet. Maar wij zien er de humor van in, en weten goed genoeg wie we zijn om alle negatieve connotaties in de wind te slaan. Iedereen is dus enthousiast wanneer het voorstel ‘dramaqueens’ valt.

Onder één voorwaarde mogen we onszelf de dramaqueens noemen, zegt Petra. Waarop ze ons de column va Julie Cafmeyer in De Morgen voorleest.

Volgens Julie valt ‘dramaqueen’ in dezelfde lijn als ‘diva’: het zijn namen die enkel aan vrouwen worden gelinkt. Vrouwen die te veel plaats innemen, te veel aandacht opeisen, te onbevreesd ambitieus zijn. Het zijn woorden waarvoor we ons verontschuldigen. Maar wat is er mis met een diva zijn? Met de ‘queen van de drama’ te zijn, als je het zo letterlijk neemt?

Mensen kunnen onze naam lezen en zich inbeelden dat we roddelende huilebalken zijn, maar wat schuilt gaat onder die naam is pure etymologie. Drama is toneel, queens zijn koninginnen en wij hebben de voorbije maanden de kans gekregen om ons op z’n minst een klein beetje de prinsessen van Toneelhuis te voelen. 

Net zoals we een andere betekenis van het woord ‘dramaqueen’ willen uitlichten, willen wij jou op vlak van theater ook verder laten kijken dan je neus lang is. Het gevoel en de waarde van een stuk ligt namelijk niet in zijn titel, het zit in de makers, de spelers, de mensen achter de schermen, de toeschouwers en het gebouw. Laat je verrassen door hoeveel meer toneel kan zijn. Laat de dramaqueens je meenemen, dieper Toneelhuis in.

https://dramaqueensap.wordpress.com